Toepassing van virtualisatie
Er zijn verschillende vormen van virtualisatie. Voor de duidelijkheid beschrijven we wat Centric onder een aantal van deze vormen verstaat.
Hardware- of servervirtualisatie
Hardwarevirtualisatie is een techniek die het mogelijk maakt een besturingssysteem los te koppelen van fysieke hardware. Op deze manier kunnen meerdere virtuele servers ondergebracht worden op één fysieke onderlaag. Met hardwarevirtualisatie kunnen resources als processoren, schijfruimte en geheugen efficiënter worden gebruikt en neemt de flexibiliteit ervan toe. Er zijn meerdere methodes om deze resources te verdelen: harde virtualisatie en virtualisatie via een zogenaamde hypervisor.
Bij harde virtualisatie worden de aanwezige resources hardwarematig verdeeld over de aanwezige virtuele servers. Bij virtualisatie via een hypervisor neemt een aanwezige softwarelaag deze verdeling voor zijn rekening. De ondersteuning voor de gekozen hypervisor wordt niet door Centric geleverd en gaat via de desbetreffende leverancier. Centric doet geen uitspraken meer over het gebruik van hypervisor.
Desktopvirtualisatie
Desktopvirtualisatie is grofweg in twee delen te splitsen. De virtualisatie vindt in beide gevallen plaats op een server: in de ene situatie functioneren de applicaties op de server zelf, in de tweede situatie ontvangt de aangesloten client een compleet op zichzelf staand besturingssysteem.
In de eerste variant spreken we van Server Based Computing. Centric ondersteunt deze variant. Een voorbeeld hiervan is Remote Desktop Services. De applicaties worden op een server geïnstalleerd en uitgevoerd. De beeldinformatie is zichtbaar op de client. In deze virtualisatievariant moet de applicatie geschikt zijn om op een dergelijke terminalserver goed te functioneren. De clientsoftware draait op een serverbesturingssysteem. Dit is de reden waarom Centric zijn applicaties vrijgeeft op deze variant van desktopvirtualisatie.
Bij de tweede variant (we spreken dan van Virtual Desktop Infrastructure of VDI) krijgt de gebruiker vanaf afstand toegang tot een complete desktop. Centric ondersteunt deze variant op basis van best-effort. Best-effort houdt in dat er geen formele ondersteuning wordt geboden en vanuit de onderhoudsovereenkomst geen verplichting is problemen op te lossen, maar dat Centric zal proberen meldingen op te lossen. Eventuele extra kosten die daarmee gemoeid zijn worden, in overleg met de klant, in rekening gebracht.
Bij de tweede variant wordt de desktop aangeboden vanaf een server. Een voorbeeld hiervan is Citrix XenDesktop. De applicatie draait op een clientbesturingssysteem. Het beleid van Centric rond de VDI-variant is dat er geen specifieke vrijgavetrajecten voor uitgevoerd worden. De applicatie draait immers op een - weliswaar virtueel - clientbesturingssysteem. Hiervoor geldt de vrijgavematrix die in het onderdeel ‘Clientplatformen’ staat weergegeven. Centric ondersteunt dit op basis van best-effort. Nieuw in deze context is Azure Virtual Desktop waarbij werkplek VM’s uit de Microsoft Azure cloud worden afgenomen. Deze variant kent unieke uitdagingen en ondersteuning hiervan wordt door Centric momenteel onderzocht.
Applicatievirtualisatie
Bij applicatievirtualisatie draaien applicaties lokaal op een desktop, gebruikmakend van lokale systeembronnen, zonder dat de applicatie op de machine is geïnstalleerd. Iedere gevirtualiseerde applicatie draait in een eigen context, zonder onderlinge afhankelijkheid van andere applicaties op dezelfde machine. Het lijkt op terminalservers gebaseerde toepassingen, met het grote verschil dat bij terminalservers de applicaties op een server draaien en bij applicatievirtualisatie de applicaties lokaal draaien.
Het beleid van Centric is dat er geen specifieke vrijgavetrajecten voor virtualisatie opgestart worden. De applicatie draait immers op een fysiek clientbesturingssysteem. Hiervoor geldt de vrijgavematrix die is weergegeven in het onderdeel Clientplatformen. Centric ondersteunt dit op basis van best-effort.
Versiebeleid Java Runtime Environment
Sinds 2019 vereist Oracle een betaalde licentie voor Oracle Java, wanneer deze zakelijk of commercieel niet in de context van een ander betaald Oracleproduct gebruikt wordt. Centric ontwikkelt zelf geen applicaties in Java, maar een aantal applicaties bevat wel componenten van andere leveranciers die Java gebruiken. Om onze klanten een alternatief te bieden voor de betaalde licentie JRE is besloten om ook de OpenJDK van Adoptium te certificeren.
De Oracleproducten die Oracle Java vereisen, hebben geen aanvullende Javalicenties nodig. Dit omdat de licentie voor het gebruik van Oracle Java onderdeel is van de licentie van het desbetreffende Oracleproduct.
Java Runtime Environment (JRE) van Oracle
Patches worden als download beschikbaar gesteld op de Oracle-support Portal. Hiervoor is zowel een account als een geldig supportcontract nodig.
Voorheen werd door Centric twee keer per jaar (op 1 april en 1 oktober) met de dan courante JRE-versie getest of de (Oracle Forms) Centricapplicaties succesvol werken. Dit is met het vervallen van de browsertesten komen te vervallen. In principe adviseert Centric de meest courante versie van de betreffende JRE te installeren en up-to-date te houden. Er wordt dus ook geen expliciete fall-back versie meer aangeraden.
Java Runtime Environment (JRE) van Adoptium (OpenJDK)
Centric ondersteunt maar één OpenJDK-variant, namelijk de Eclipse Temurin Open Source Java SE van Adoptium (voorheen Adopt OpenJDK). OpenJDK van andere leveranciers is door Centric niet vrijgegeven en derhalve kan Centric daar geen support op leveren. De installatiemedia wordt op de website van Adoptium beschikbaar gesteld. De beschrijving hoe Oracle Java vervangen kan worden door de Java runtime van Adoptium is beschikbaar op de customerportal. In principe wordt per product dezelfde JDK LTS versie gevolgd zoals met Oracle JDK (JDK 8, 11, 17, 21 etc.). Daar wordt de meest courante versie van toegepast.
Browsers
De praktijk laat zien dat browsers in een heel hoog tempo worden aangepast, waardoor meerdere versies per jaar beschikbaar komen. Tot medio 2025 stelde Centric de werking van de applicaties tweemaal per jaar vast met de hoogst beschikbare versies van de webbrowsers op dat moment: op 1 april en 1 oktober. Dit is echter komen te vervallen. In principe worden de volgende 3 browsers in hun meest recente release ondersteund, tenzij expliciet anders aangegeven:
- Google Chrome
- Microsoft Edge
- Mozilla FireFox
Safari wordt uitsluitend ondersteund voor de SaaS-oplossingen die Centric biedt. Applicaties die on-premise (kunnen) draaien, worden niet ondersteund bij het gebruik van Safari.
Microsoft Office
Centric ondersteunt in principe de laatste en voorlaatste versie van de Microsoft Office Suite. Op dit moment zijn dat Office 2021 en Office 2024. Aan de vrijgave van Office 2024 wordt gewerkt, maar deze is nog niet afgerond. De ondersteuning van Office 2019 is in oktober 2025 verlopen.
Ondersteuning voor Microsoft 365 vindt plaats op de zogenaamde offline-versie van de werkplekonderdelen uit de Microsoft 365-suite. Microsoft 365 bevat dezelfde programma’s en meer dan de meest recente versie van het reguliere Microsoft Office-pakket. Bovendien wordt hier voortdurend functionaliteit toegevoegd. Microsoft Office 2019 en 2021 zijn traditionele Office-installaties die gebonden zijn aan een specifieke computer. Microsoft 365 is een service voor gebruikers die als abonnement beschikbaar is.
Naast een traject voor de vrijgave van Office 2024 loopt er binnen Centric een parallel traject voor de vrijgave van zowel 32 als 64 bits versies van alle ondersteunde Office varianten. De klantvoorkeur van de Office suite wordt vooral bepaald door de beschikbaarheid van eventuele plug-ins die beschikbaar zijn voor deze versies.